Composer in Residence

Ad Hoc wil een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de Nederlandse blaasmuziekcultuur en neemt om die reden ook haar scheppende verantwoordelijkheid. Jaarlijks worden componisten en arrangeurs de kans geboden om muziek te schrijven voor het medium Harmonie orkest. Sinds 2010 verschaft Ad Hoc ook jaarlijks een compositieopdracht aan een jonge Nederlandse componist als composer in residence. Ad Hoc stelt een composer in residence aan om de gecomponeerde muziek een gezicht te geven en om composities dichter bij uitvoerende deelnemers (maar ook het publiek) te brengen. Doel daarbij is dat er een samenwerking tussen Ad Hoc en de componist ontstaat ter wederzijdse inspiratie. De componist maakt daarbij kennis met Stichting Vakantieorkest Ad Hoc en omgekeerd maakt Ad Hoc (en publiek!) intensief kennis met de componist. Allereerst wordt de componist uitgedaagd om binnen een gesteld thema en/of format de compositie af te ronden. Die ‘eisen’ of randvoorwaarden worden opgesteld door de Artistiek Leider van Ad Hoc en hebben altijd met de stichting, het orkest of haar deelnemers te maken. Belangrijk doel van de compositie is dat het een toevoeging is op het bestaande repertoire. De ‘componist in residence’ schrijft allereerst een of meerdere werken, wordt daarnaast gevraagd een programmatoelichting op het werk te schrijven, bezoekt een repetitie van het Ad Hoc orkest, ontwerpt en geeft een workshop over de compositie voor de uitvoerenden, tenslotte nodigt Ad Hoc de componist uit om de wereldpremière van zijn werk bij te wonen tijdens een van de concerten. Daarnaast wil Ad Hoc op deze manier talenten een podium geven. Ad Hoc heeft opdrachten verstrekt aan volgende componisten:

 

  • Thom Zigterman schreef in 2010 een flitsend concertwerk met spectaculair percussie onder de titel ‘Carpe Diem’ dat verwijst naar de ‘positieve en optimistische sfeer rond Ad Hoc’.
  • Albert John Vervorst schreef in 2011 zijn ‘Rocca di Garda’. Dit concertwerk is een muzikale verwijzing is naar de toenmalige tournee bestemming van Ad Hoc het Garda Meer en de regio Trentino.
  • Matthias van Nispen tot Pannerden schreef ‘La Mulata’ dat de muzikale belichaming is van een van de doelstellingen van Ad Hoc: de promotie van blaasmuziek. ‘La Mulata’ vermixt de traditionele Nederlandse Blaasmuziekcultuur met Zuid Amerikaanse Samba. Dat werk schreef Van Nispen tot Pannerden in 2012.
  • Bas Clabbers rondde in mei 2013 het werk Festina Lente af. Dit moderne solowerk voor trombone kwartet beschrijft een Middeleeuws heldenepos rond de gedachte achter de Latijnse titel: Haast u langzaam.
  • Daan Bogers schreef voor de tournee van 2014 het werk Burning Night (tevens naam van de tournee). Dit werk is geïnspireerd op lichte muziek, waarbij Daan de trompetsolo gedurende de tournee heeft uitgevoerd.
  • In 2015 schreef het duo Luuk Antkowiak & Daan Morris het nummer Impermeable. Het vaak druilerige Nederlandse weer en het uitkijken naar de (Spaanse) zon sprak tot de verbeelding van Daan en Luuk en dit leidde tot de compositie “Impermeable”.  Een titel met verschillende vertalingen wat past bij een stuk dat gekenmerkt wordt door verschillende sferen en invloeden uit big band- en filmmuziek.
  • In 2016 schreef Geert Schrijvers het werk Catharsis. Het werk Catharsis volgt het pad van een mens die, na geconfronteerd te zijn met verlies en lijden, zichzelf in het reine moet zien te komen. De hoofdpersoon wordt verbeeld door de euphonium solo. Aan de hand van steeds terugkerende thema’s en motieven, begeeft hij zich op het pad dat hem uiteindelijk moet zuiveren van de dwingende en verlammende kracht van emoties als angst, wanhoop, woede en verdriet. Door het accepteren van zijn lot en het doorstaan van deze emoties, wordt de mens sterker en beter, al zal hij veranderd zijn. Dit hele proces van ervaren, lijden, het ophouden van een façade, het aanvaarden van het lot en uiteindelijk de bevrijding wordt geprojecteerd op de euphoniumsolo, die na zijn moeizame tocht zijn Catharsis beleeft en vrede vindt in de slotmaat.

Composer in Residence 2017: Harm Jan Schenkel

HJDreamsHarm Jan (AJL) Schenkel (1980) is begonnen als hoboïst en organist en studeerde Industrieel Ontwerpen aan de Technische Universiteit Delft. Na het behalen van zijn ingenieursdiploma studeerde hij aan het conservatorium van Rotterdam bij Paul M. van Brugge en Klaas de Vries, alwaar hij in 2011 afstudeerde als jazzcomponist en arrangeur.

 

Momenteel is hij pianist, organist en dirigent van verscheidene koren. Hij werkte in verschillende rollen mee aan concerten en projecten met Jan Vayne, Ralph van Manen, het Magogo Kamerorkest, Martin Mans, Joany Muskiet, Lucas Kramer en vele anderen. Ook geeft hij regelmatig interactieve workshops over muziek, improvisatie en zelfs de Lean (bedrijfs)filosofie. Maar hoofdzakelijk componeert en arrangeert hij muziek voor orkesten, HaFaBra, big band, koren, orgel, piano en allerhande bezettingen in de jazz, pop- en klassieke muziek. Als componist is hij steeds op zoek naar de spanning tussen deze drie werelden.

Visie

Harm Jan zijn muziek wordt vaak omschreven als blij en opgewekt. Hij legt uit waarom. “Er is al zoveel ellende op de wereld. Ik wil mijn publiek even alles doen vergeten en ze een stukje van de hemel laten zien. In mijn overtuiging is de hemel een gelukkige plaats.” Dit houdt niet in dat zijn muziek altijd en alleen maar vrolijk is. “Om geluk te ervaren, moet je ook diep verdriet kennen. Een hoge berg impliceert een diep dal. Het is dus evident dat die dalen ook een belangrijk onderdeel zijn van mijn muziek.”

 

Volgens Harm Jan is een vorm van abstractie noodzakelijk om geen muziek te schrijven die er al is. “Als componist moet je creëren. Je kunt geen Rembrandt schilderen en origineel zijn.” Net als in de schilderkunst is muziek steeds abstracter geworden. Op zoek naar de essentie van datgene dat men wil uitdrukken. Daardoor komen eeuwenlange tradities op de helling te staan. “Dit betekent niet dat de schat aan muzikaal erfgoed overboord wordt gezet. Melodie, harmonie en ritme verdwijnen niet, maar krijgen een andere functie.”

 

In zijn composities is improvisatie een belangrijke factor. “Het maakt de muziek weer afhankelijk van de muzikanten. In de tijd van Mozart en daarvoor was dit heel gewoon, maar in de eeuwen daarna is het langzaam verdwenen. Door de jazz is het weer ontdekt. Het mooie is dat elke uitvoering van hetzelfde werk iedere keer weer anders klinkt en de persoonlijkheid van de muzikant wezenlijk onderdeel wordt van de compositie.”

 

De muziek van Harm Jan heeft vaak een godsdienstig karakter. Toch ziet hij zichzelf niet als een kerkmusicus. “Natuurlijk komt veel muziek van mij voort door opdrachten uit de kerk of kerkelijke organisaties. Maar ik schrijf ook veel muziek die daar helemaal niets mee te maken heeft.” Volgens Harm Jan zit zijn geloof hem niet in de weg, maar schept deze juist een eindeloze bron van inspiratie. “Het is niet onlogisch dat mijn inspiratie raakt aan mijn levensovertuiging of die zelfs overlapt. Daar schaam ik mij niet voor. Echter, het vakmanschap van een componist hoort een dergelijke simpele tweedeling toch wel te overstijgen. Mijn geloof uit zich niet in een stijl van componeren, maar in authenticiteit.